Van Loy redt eer KiNG A; dammers verstoren orde

KiNG A speelde in ronde 6 van de avondcompetitie tegen Stukkenjagers A. Bij winst zou KiNG A nog een rol van betekenis kunnen spelen in de Hoofdklasse, maar het werd een nederlaag: 1,5-2,5. Het middenrif liet het afweten. Waar vorig jaar de onstuitbare tandem v/d Berg&v/d Berg geen spaan heel liet van de tegenstanders, zo faalt de sputterende Lada Jansen&v/d Berg dit seizoen opzichtig. Niet vooruit te branden. Ook nu weer twee nulletjes. En het begon nog wel zo goed.

Op bord 1 zat van Loy, vol zelfvertrouwen en goed voorbereid, klaar om Vereggen op het rooster te leggen. Rick zette zijn stukken op goede velden. Dat is blijkbaar een kernkwaliteit voor een goede schaker. Als stukken namelijk op goede velden staan, kunnen ze goede dingen doen, zo vertrouwde Rick mij toe na afloop. Weer iets geleerd. Tijdens de analyse legde hij Vereggen terloops nog even uit dat het Konings-Indisch natuurlijk nog wel speelbaar is, maar dat Lars dan wel goed op de hoogte moet zijn van de laatste ontwikkelingen, bijvoorbeeld Indjic-Markovic, Servische Hoofdklasse ronde 9 (30-9-2016), want anders ga je natuurlijk de bietenbrug op. Vervolgens rekende hij Lars nog even voor dat het ratingverschil tussen Vereggen (2365) en van Loy (1895) 470 punten is, wat volgens de statuten van SG KiNG twee dingen betekent: zelfs met een remise wint van Loy 11.3 ratingpunten, en artikel 11.2 lid 35 van de KiNG-statuten geeft aan dat Vereggen dan bier moet halen. Wat Vereggen dan ook terstond deed. Toen van Loy vervolgens uit ging leggen dat kwantumfysica in principe de grondlegger van de kwantumbewustzijn en -spiritualiteit is, werd het voor uw reporter teveel.

Waar menig toeschouwer de wenkbrauwen al fronsde bij de remise op bord 1, zo mogelijk nog groter was de verbazing bij bord 4, de Moor-Schouten. Waar iedereen zich opmaakte voor een spannende schaakwedstrijd, bleek er op bord 4 te worden gedamd. Dammen. Blijkbaar een spel met kleine, platte schaakstukken waarin elk klein stukje hetzelfde mag. Dat verwacht je niet. Je denkt “Stukkenjagers A-KiNG A, avondcompetitie Noord-Brabantse Schaakbond, dat moet schaken worden”, maar dan lig je zomaar in de luren. Dammen. Wat bleek? Voor de partij stonden de Moor en Schouten even gezellig over openingstheorie te praten. Bleek de Moor tegen zowel Frans, Caro-Kann, Pirc als Siciliaans de afruilvariant te spelen. Alles afruilen. En tegen 1.e4,e5 2.d3. Met als idee 3.f3. Puur beton. Achteruitschaken is het nieuwe vooruitschaken. De druppel kwam toen Schouten vroeg welke variant de Moor tegen de Aljechin speelde. De Moor: “1.e2-e4,Pg8-f6 2.e4-e5,Pf6-g8 3.e5-e4. Zo rol ik.” Duidelijk was dat niemand daarop zat te wachten. Het publiek niet, de barman niet, Schouten zelf niet. Dan kun je maar beter meteen gaan dammen. Dus de kleine steentjes kwamen uit de doos. De volgende stelling kwam op het bord:

De Moor-Schouten, stelling na 11…15×21.

We hebben hier te maken met een klassieke Hoogland-aanval. Ieder zichzelf respecterend damspeler weet dat wit in principe goed spel heeft in deze opening, maar dat wit altijd beducht moet zijn voor de zogenaamde zwarte Springer-uitval. Schouten geldt echter als een expert in deze opening. De Moor probeert nu zoveel mogelijk af te ruilen en beton te storten, iets wat ook bij dammen vaak geen goed idee is:

De Moor-Schouten, stelling na 40. 33×31.

Schouten ging nu sterk verder met 40…,24-30! waarna de stukken snel de doos in konden. De Springer-uitval heeft zijn uitwerking niet gemist. Ton Sijbrands zou trots zijn. Zwart won binnen enkele zetten.

Maar het mocht dus niet baten. Volgend jaar revanche!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *